De pogingen van Jaap Robben, Ilja Pfeijffer en nog wat van die bijkans van eigendunk ontploffende belletristische types om Johan Derksen na diens malle uitglijer dusdanig ver buiten de orde te plaatsen dat er in onze boekenkasten zelfs geen plaats meer zou mogen zijn voor zijn succesvolle biografie, brachten mij weer eens tot de conclusie dat het mij altijd een raadsel zal blijven hoe literatoren denken en redeneren.

Net als Johan Derksen ben ik maar een omhooggevallen prole.

Dat zal het wel wezen.

Ter verduidelijking citeer ik uit ‘1984’ van George Orwell: “Zolang zij (de proles) bleven werken en zich bleven voortplanten, waren hun andere activiteiten onbelangrijk (...). Zwaar lichamelijk werk, de zorg voor huis en kinderen, kleinzielige ruzies met buren, films, voetbal, bier en gokken vulden de horizon van hun geest. Ze onder controle houden was niet moeilijk.”

Orwell schreef deze passage vanuit het gezichtspunt van de Partij, die het proletariaat veracht. De proles vormen in ‘1984’ liefst 85% van de bevolking, maar volgens de Partij zijn ze van een lagere orde. Ze dienen ze zich aan de machthebbers te onderwerpen, mogen geen lid worden van de Partij en als ze hun kop dan toch nog te nadrukkelijk boven het maaiveld uitsteken lost de Denkpolitie dat probleem op door ze te liquideren.

Ziet u de overeenkomsten?

Ik wel.

Er is geen wezenlijk verschil met de massale verbranding van Rushdie's De Duivelverzen

Hoe dan ook stak Johan Derksen zijn kop óók te nadrukkelijk boven het maaiveld uit. Klassiek pochend maakte hij daarbij een domme blunder en sindsdien valt hij meedogenloos ten prooi aan liquidatiepogingen van de zelfbenoemde Denkpolitie van de polderlandse literatuur, die er daarbij zelfs niet voor terugdeinst om te eisen dat het biografische portret ‘Derksen’ uit de handel wordt gehaald.

Knappe jongen of meid - meer smaken zijn er voor mij niet, ik zei het al: ik ben een prole - die erin slaagt om mij uit te leggen wat het wezenlijke verschil is met de massale verbranding, overal ter wereld in 1988, van Salman Rushdie’s ‘De Duivelsverzen’ door boze moslims (ik weet 't: een pleonasme, maar ik zeg het toch). Waar nog eens bijkomt dat Derksen er zelf geen letter van heeft geschreven. Vaardig als altijd hanteerden Michel van Egmond en Antoinnette Scheulderman in dit geval de pen.

Wat is dat toch onder schrikbarend veel literatoren?

Hoe komt het toch dat hun hersenen zo vaak spontaan ineenschrompelen wanneer ze met alle morele superioriteit die ze zichzelf ook maar kunnen toedichten (bij D66 hebben ze er ook zoveel last van, ik vermoed zomaar dat veel schrijvers tot die clan behoren), op de lagere orde beginnen in te schoppen? Want dat gebeurt hier in feite.

De Nederlandse lagere orde functioneert net als die in ‘1984’. Ook hier hangt zij van zwaar lichamelijk werk, de zorg voor huis en kinderen, kleinzielige ruzies met buren, films, voetbal, bier en gokken aan elkaar. Onze lagere orde lachte zich verder een kriek om de wokevrije dat-zei-mijn-vrouw-gisteravond-ook-onderbroekenlol in VI en de Derksen-bio staat er her en der in de boekenkast.

Een boek verbieden? Als schríjvers? Als mensen van het vrije woord?

Serieus?

Mijn Telegraaf-stukjes worden enkele dagen na publicatie op dit blog geplaatst. Abonneer je op de krant wanneer je ze direct wil lezen. Klik op het logo voor meer info.