Allemaal maar weer inschikken, jongens en meisjes: er komt wederom een nieuw polderlands dier bij. Naast de wolf, de zeearend, de kraanvogel en de wilde kat eist ook de eland binnenkort zijn plekje in ons land op.

Dat wordt oppassen geblazen, straks, als je in het Reggedal met je kleindochtertje de eendjes wilt gaan voeren. Voor je het weet staat zo’n kolos van 2 ½ meter hoog en 800 kilo zwaar met een gewei van twee meter breed pal achter haar te brullen. En de kinderpsychiater ís al zo duur tegenwoordig.

De eland wil niet meer alleen in die sombere Noorse en Zweedse bossen leven, of in de al even naargeestige wouden van de Baltische staten, Polen en Tsjechië. Hij wil via Duitsland zijn grenzen verleggen en in het AD zei prof. dr. Liesbeth Bakker dat „Nederland een paradijs is voor de eland, een echt elandland.” Zij is hoogleraar rewilding aan de Wageningen Universiteit en heeft derhalve kennis van zaken.

Nederland een paradijs. Zo! Het werd vastgesteld door een echte hoogleraar rewilding, een vak dat tot mijn verbazing werkelijk bestaat. Wie ben ik om tegen haar in te gaan. En laten we wel wezen: gezien het gefoeter en geziegezaag waarmee wij ons functioneren tegenwoordig binnenslands onder de loep plegen te nemen is het op zich best brekend nieuws. Al betreft het wel een dier dat Nederland al ruim duizend jaar niet als zijn biotoop beschouwde. Is de eland als gevolg daarvan het zicht op de hedendaagse polderlandse realiteit een beetje kwijtgeraakt?

Of is het een dierendingetje in het algemeen?

Spéélt er, bedoel ik, misschien iets in het dierenrijk?

Een kraai valt plotseling pal naast Bobbie en mij dood uit een eik

Ter explicatie doe ik u uit de doeken wat mij enkele dagen geleden in de Alkmaarder Hout overkwam: een kraai valt plotseling pal naast Bobbie en mij dood uit een eik, wij bukken ons nieuwsgierig om te kijken wat er aan de hand is en worden vervolgens aangevallen door een stuk of drie, vier andere, uitermate luidruchtige kraaien, die ons blijkbaar duidelijk willen maken dat wij ons met onze eigen zaken hebben te bemoeien.

Pikken de dieren het niet langer?

Ik sluit het niet uit, maar vraag mij wel af hoe ik de aanstaande komst van de eland moet beschouwen. Toen de wolf zich hier vestigde juichte ik het op deze plek toe. Ik had potdorie niet voor niets ooit die cursus faunabeheer gevolgd! Nou, dat heb ik geweten: ik kreeg subiet een telefoontje van Seger baron van Voorst tot Voorst, directeur van de Hoge Veluwe. Of ik mij zsm bij hem wilde vervoegen. Waarna hij mij, op zijn kantoor, vriendelijk maar beslist aan een cursus faunabeheer 2.0 onderwierp. De wolf hóórt hier niet, leerde ik. Zijn komst is te ingrijpend voor de andere fauna.

Kunnen we de eland nog tegenhouden?

Schapen zal hij niet vermoorden: hij leeft voornamelijk van scheuten en twijgen van bomen.

Maar hebben we dat hout niet allemaal nodig voor onze biomassacentrales?

Weg dat kolerebeest!

Zo goed, baron?


UPDATE. Uiteraard liet de baron zich niet kennen. Hier zijn antwoord per e-mail: "Ja, het is goed zo. Komt u naar onze moeflonexpositie in het Museonder kijken? Gaat over het desastreuze effect van wolven op onze moeflonpopulatie."


Mijn Telegraaf-stukjes worden enkele dagen na publicatie op dit blog geplaatst. Abonneer je op de krant wanneer je ze direct wil lezen. Klik op het logo voor meer info.