Waar zouden wij zonder de leugen zijn, mijnheer Van Amerongen? Ik gooi er meteen maar mijn favoriete Nietsche-uitspraak tegenaan: “Hij die niet kan liegen weet niet wat de waarheid is.” Zoiets neem ik toch liever tot mij dan het wat al te zuivere getheoretiseer in de Bijbel (“Leugenlippen zijn de Here een gruwel” - Spr. 12-22) of van Immanuel Kant, de doodsaaie puritein die oordeelde dat liegen onder alle omstandigheden verkeerd is. Zelfs het leugentje om bestwil beschouwde hij als not done.

Ooit, tegen het einde van zijn leven, sloeg deze verlichtingsfilosoof een uitnodiging voor een etentje af met de smoes dat hij die avond een andere afspraak had. Daar ging de dramaqueen nadien zo onder gebukt dat het hem welhaast een depressie opleverde. Welnu, zelf verzin ik dit soort uitvluchten bij voortduring en zonder ook maar het allereerste begin van een gewetensbezwaar. Voor mij lopen etentjes, bij wie dan ook, altijd uit op bacchanalen. Daarvan kan mijn oude lijf er wekelijks nog hooguit twee verwerken. Zodra wij drie of meer uitnodigingen per week ontvangen, hetgeen regelmatig geschiedt omdat ik a. een buitengewoon intelligente en inspirerende persoonlijkheid ben en b. een bloedmooie vrouw heb, lieg ik er dus onbekommerd op los.

Ik wil daarbij wel aantekenen dat de onlangs helaas beëindigde avondklok een geschenk uit de hemel was. Ook wanneer wij zelf gasten ontvingen. Reeds om een uur of half acht zei ik dan, betekenisvol op mijn horloge wijzend: “Ik zou dolgraag willen dat jullie langer bleven, maarre…” Et voilà, daar ging het stel, indien noodzakelijk onder lichte dwang. Zodat ik heerlijk in mijn eentje, nippend aan een kopje Earl Grey, naar Sport in Beeld of Een van de Acht kon kijken, of weet ik veel hoe die programma’s tegenwoordig heten. En de volgende ochtend geen kater!

Waarom ik hierover begin?

Omdat de heer Rutte heeft gejokt (die hypocriete mevrouw Kaag later ook, met haar Niger-smoes, maar gek genoeg vielen daar slechts weinigen over). Dat doet hij zijn hele leven al, zoals alle politici. Niet alleen de politici van nu, maar tevens de politici van vroeger en ondanks de mooie beloften zelfs ook de politici van de toekomst.

Wat al die schijnheilige Haagse Rutte-haters tijdens de Omtzigt-affaire ook schreeuwden en gilden, de politiek en de leugen zullen altijd en eeuwig onlosmakelijk met elkaar verbonden blijven. Overigens ontaardden hun dagenlange tirades op de minister-president op een gegeven moment zelfs in een hysterische heksenjacht, terwijl zij in werkelijkheid natuurlijk vooral zo boos waren omdat zij wéér verkiezingen van hem hadden verloren. Doch dit terzijde.

“De grootste successen zijn geboekt door vorsten die zich aan hun woord weinig gelegen hebben laten liggen en op sluwe wijze anderen een rad voor de ogen hebben weten te draaien”, schreef Niccolò Macchiavelli 500 jaar geleden al in Il Principe. De grondlegger van de moderne politieke wetenschappen juichte dat zelfs toe: “Mits zij de indruk blijven wekken dat zij eerlijk en oprecht zijn, staat het heersers vrij om te liegen als daarmee het belang van de staat is gediend.”

Zou Il Principe soms naast het Grote Foute Jongens Boek in de boekenkast van het Torentje staan?


Valse lippen zijn den Heere een gruwel

Jij vuile huichelaar! Jij akelige namedropper! Je noemt hier in één adem Niccolò Macchiavelli, Immanuel Kant én het Boek der Spreuken terwijl ik bij jouw thuis in je boerderette boven het holografisch sfeervuur van Hygge Flames - je vrouw wil geen echte open haard omdat ze bevreesd is voor brandplekken in het laminaat - enkel een paar delen van een conversatielexicon uit het jaar 1914 aantrof, een tiental delen uit de reeks Klassieken der Wereldliteratuur (in elk deel vier klassieke werken, hedendaags ingekort) én de 4-delige Encyclopedie voor Zelfstudie.

Wat je citaat uit Spreuken betreft: zoals je weet ben ik gediplomeerd Hebraïcus, notabene maxima cum laude afgestudeerd aan het Juda Palache Instituut van de Universiteit van Amsterdam. Ik weet dat het een inkoppertje is maar gelieve geen grapjes over Maxima en cum te maken want mijn kinderen lezen mee.

Ik weet niet welke bijbel jij als bron gebruikt voor je citaat, vermoedelijk het Kleutervertelboek voor de Bijbelse geschiedenis van Anne de Vries (dat haar herinnering tot een zegen mag zijn) maar ik gebruik altijd als bron de De Statenvertaling, de eerste officiële Nederlandstalige Bijbelvertaling, die rechtstreeks uit het oorspronkelijke Hebreeuws, Aramees en Grieks werd vertaald. De opdracht voor de vertaling werd in 1618 gegeven op de Synode van Dordrecht; de Staten-Generaal werd gevraagd de vertaling te betalen en dus eigenlijk de belastingbetaler. Die kreeg als het ware een gristelijke sigaar uit eigen droge doos.

Spreuken 12 vers 22 in Statenvertaling: "Valse lippen zijn den HEERE een gruwel."

Nou denk jij bij valse lippen - boven en onder de gordel - natuurlijk meteen aan die opblaaspop die André Hazes overal mee naar toe zeult maar ik pak effekes de Tora er bij. Daar staat: תּוֹעֲבַת יְהוָה, שִׂפְתֵי-שָׁקֶר.

De Heere Jezus was behoorlijk bijbelvast en refereerde in het Nieuwe Testament (nooit de term Oude Testament gebruiken in het bijzijn van Joodse mensen van want dat is heel kwetsend. Zij vinden dat Nieuwe Testament impliceert dat het Oude Testament met de vullisman mee kan omdat het achterhaald en ingehaald is door het Nieuwe Testament van de toffelemonen)  toen hij aldus tot de schare sprak: “Maar laat uw woord ja ja zijn en uw nee nee; wat hierboven uitgaat, is uit de boze” (Mattheüs 5:37).

Kortom: De Heer haat degenen die leugens spreken om zijn Ouwe Heer in de hemel te misleiden.

Ken je deze nog van het schoolplein?

Daarna sprak Jezus tot de schare:  ik wil geen bier maar ouwe klare. Vervolgens zei hij tot de apostelen: trek uw broeken uit en ga worstelen. Genoeg gekkigheid op een stokje, oom Rob. Ik leg de lat wat hoger en heb een raadsel voor je uit de Griekse oudheid, speciaal voor jou in Jip en Janneke-taal:  Je bent op reis op Mykonos (of Lesbos voor mijn part) en je wilt naar een bepaald dorp. Op een gegeven moment kom je op een splitsing waar je twee kanten op kunt. Je weet alleen niet welke kant je op moet. Bij de splitsing staan gelukkig twee mannetjes. Maar een van die mannetjes liegt altijd en de andere spreekt altijd de waarheid. Je weet niet welke van die twee de leugenaar is. Omdat de mannetjes ook weer niet zo heel veel zin hebben om je te helpen mag je een van hen een vraag stellen. Welke vraag stel je aan Geer & Goor?


Wij liegen en bedriegen allemaal

Omdat de vraag een zekere hooghartigheid ten opzichte van degene die ‘m dient te beantwoorden uitstraalt - ik is slim en jij bent dom - laat ik ‘m aan mij voorbijgaan, mijnheer Van Amerongen. Het verschil in leeftijd en levenservaring tussen ons is dermate groot dat een klein beetje meer respect van uw kant op zijn plaats zou zijn. Oók wanneer u de inhoud van mijn boekenkast zogenaamd beschrijft, trouwens. Alsof potverdikkeme níet alle romans van Oscar Wilde, JD Salinger en Margaret Mitchell erin staan.

Bovendien wil ik dit onderwerp eindelijk eens serieus behandelen. Wederom danst u als een nar met rinkelende belletjes aan zijn muts om een door mij aangedragen thema heen. Het kan niet anders of dat begint ook bij de lezer zo langzamerhand enige irritatie op te wekken. Misschien moet ú eens de aftrap van deze rubriek verrichten. Dan kan ík al die gemakkelijke voorzetten inkoppen. Binnen de kortste keren zou u op uw knieën smeken of wij het weer zoals vroeger zouden kunnen doen.

Aan de andere kant bewijst u met wat u hierboven te berde brengt dat ook uw bestaan van leugen en bedrog is vergeven. Tussen de gebruikelijke grappen en grollen door presenteert u zichzelf als een kenner van de Heilige Schrift. Dankzij uw Veluwse opvoeding en uw studies in Amsterdam - die aan de universiteit bedoel ik, niet die in de Reguliersdwarsstraat - zult u er ongetwijfeld het een en ander vanaf weten. Maar u leidt zelf een goddeloos leven. U doet werkelijk alles wat God verboden heeft. Aanvaarding van Zijn weg betekent dat de mens zijn zondige praktijken moet afleggen en de Here Jezus als zijn Redder en Verlosser dient te aanvaarden. Welnu, u aanvaardt niets en uw zondige praktijken legt u al helemáál niet af. Gelijk Onan verspilt u uw zaad voortdurend op de grond, begrijp ik uit uw ordinaire geschriften.

Liegt u daarbij ook?

Ik ben ervan overtuigd.

Wij liegen en bedriegen namelijk allemaal, mijnheer Van Amerongen. Meerdere keren per dag. Ook in het alledaagse intermenselijke verkeer valt zonder de leugen niet te leven. Alles kits? Jazeker! Zelfs zo’n simpel dialoogje, duizenden keren per dag tot in alle uithoeken van het land gevoerd, is ermee doorspekt. Meestal, immers, is níet alles kits. In ieders bestaan is er sores, ook in het uwe en het mijne. Maar de meeste mensen hangen dat goddank niet aan de grote klok.

Toch verleidt het een enkeling wel tot aardige bespiegelingen.

“Maak jij nog weleens een buitenwipje?” vroeg ik een vriend van mij laatst.

“Nee”, antwoordde hij, vermoedelijk naar waarheid. “Want dan moet ik zoveel leugens onthouden.”

Houdt u nu nog van mij, mijnheer Van Amerongen?

Leugenaar!


Een kind van de zwartekousenkerk

Oei, nu heb je een gevoelige snaar bij mij geraakt en wel in dier voege dat ik je nu de waarheid ga vertellen over mijn verleden als beroepsleugenaar. Ik was tot ik in de Algarve ging wonen een jokkebrok, leugenzak en liegbak eerste klas, en misschien wel net zo overtuigend als onze vriend Mark Rutte, met het verschil dat iedereen mij geloofde.

Zoals je weet ben ik een kind van de beruchte zwartekousenkerk. Ik mocht niks als kindje: niet televisiekijken, niet fietsen op zondag, ik mocht niet op ballet (wel op orgel- en fluitles), ik mocht niet vloeken, ik mocht geen lang haar dragen en ik mocht het weekblad Okkie niet lezen omdat dat rooms was. Enfin, dezelfde ellende die je vindt in de werken van Maarten ‘t Hart, Jan Wolkers en Jan Siebelink.

Ik mocht wel vrijelijk onaneren want over seks werd niet gesproken op de Veluwe. Roomse rotkinderen kregen onmiddellijk ruggenmergkanker van het rukken, ik hooguit eelt op de klauwen en smerige lakens. Het gevolg van mijn strenge opvoeding was dat ik de godganse dag aan het liegen was want ik deed natuurlijk alles wat de Heere Jezus verboden heeft.

Liegen werd mijn tweede natuur en dat kwam mij heel goed uit toen ik relaties kreeg. Ik ging vreemd als de pest, wat op zich geen probleem is zolang je maar niet ‘s morgens om 9 uur stomdronken wakker wordt in een vreemd bed (dus niet bij moeders de vrouw thuis) en je geen alibi hebt. Dan moet je als een gek al je vrienden gaan bellen en die moeten dan ook allemaal gaan liegen tegen je verloofde: nee, Tuur was bij mij hoor!

Enfin, je kent het wel. Daar kwam nog bij dat ik decennia lang hartstikke verslaafd was aan de heroïne, alias het bruine monster. Ik moest één keer per dag naar de Turk of de Marokkaan om een flinke bal bruin te scoren. Dat vereist een soepele agenda want de mediterrane volkeren zijn hartstikke gezellig maar niet zo van de klok. Soms stond ik dan twee uur op straat te wachten op Ali of Mo, ongeduldig als een stoephoer.

Je kent toch dat liedje van Lauwe Reet?

I'm waiting for my man
Twenty-six dollars in my hand
Up to Lexington, one, two, five
Feel sick and dirty, more dead than alive
I'm waiting for my man

Goed, sinds ik in de Algarve woon, lieg ik niet meer. Ik ben eindelijk mijn prachtige zelf geworden, mede dankzij de AA, transcendente meditatie en rebirthing. Ik drink al tien jaar geen druppel meer, ik rook niet meer en die gore rotdrugs zijn geheel uit mijn leven verdwenen.

Ook jij kan dat, Robbie. Worden wie je bent. Gelijk Tuurke transformeren tot een prachtige vlinder. Ik wens je een heerlijke zomer. Ga je weer naar de naaktcamping, kleintje?