Links een in de berm liggende vent die zich letterlijk in coma heeft gezopen, rechts een eveneens totaal beschonken jongeman die slingerend op weg naar het oude transportvliegtuig dat hem naar het Oekraïense front zal vervoeren nauwelijks nog op zijn benen kan staan: de eerste video die ik zag nadat Vladimir Poetin de mobilisatie had afgekondigd.

Veel filmpjes en foto’s volgden sindsdien. Zonder uitzondering brachten ze particuliere Russische ontreddering in alle soorten en maten in beeld, die mij vaak aangreep, bijvoorbeeld wanneer huilende vrouwen afscheid van hun geliefden of zonen namen.

En toch blijft vooral deze eerste video bij mij hangen. Het is reeds een eeuwigheid geleden dat ik erachter kwam dat vluchten in de alcohol de problemen die je ermee tracht te ontlopen alleen maar vergroot. Maar ik kan mij nog steeds goed voorstellen dat deze radeloze Russen - en met hen ontelbare lotgenoten - naar de wodkafles grepen. Hoe het nieuws ook wordt gemanipuleerd door die corrupte gangstersbende in het Kremlin, zij wisten dondersgoed dat zij niet uit luxe waren opgeroepen.

Als je weet dat je ter verdediging van belangen die de jouwe niet zijn geacht wordt om als kanonnenvlees te fungeren, ben je in de aanloop ernaartoe sneller geneigd de werkelijkheid te ontvluchten, me dunkt. Waar nog eens bijkomt dat Rusland en alcoholmisbruik onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Ik noem maar iets: toen Jozef Stalin zijn uiteindelijke opvolger Nikita Chroestsjov voor de eerste keer ontmoette, maakte hij er meteen een wedstrijdje wodkazuipen van - wie niet omviel was de baas.

Ik heb Intourist toen bijna met de inzet van tactische kernwapens moeten dreigen

Voor mij persoonlijk onvergetelijk: de stomdronken vrouw die vandaag op de kop af 41 jaar geleden, namelijk op 27 september 1981, als telefoniste fungeerde toen ik in het Letse Joermala, nabij Riga, de Davis Cup-ontmoeting Sovjet-Unie - Nederland (5-0) moest verslaan.

„Zaftra!” lalde zij. „Zaftra!”

Het mobieltje bestond uiteraard nog niet en de zwaarlijvige vrouw zat achter een formica tafeltje met een grote zwarte bakelieten telefoon, inclusief draaischijf, waarmee ze naar de centrale in Moskou diende te bellen indien er contact met Nederland werd gewenst. Dan zorgde men in de Russische hoofdstad, duizend kilometer verderop, voor de verbinding. En voor de meeluisterende KGB’ers, niet te vergeten.

Dat ik, van de Sovjet-autoriteiten, slechts één keer per dag van deze dienst gebruik mocht maken, was mij echter niet medegedeeld, dus toen ik een paar uur na mijn eerste telefoontje met Amsterdam mijn verhaal wilde doorbellen had zij inmiddels een fles wodkalikeur geleegd en kreeg ik te horen dat ik mijn beurt al had verspeeld.

„Zaftra! Zaftra!”

Ik pakte er toen toch maar even mijn woordenboekje bij, ontdekte daarin dat zaftra Russisch voor morgen is en heb het verantwoordelijke Intourist vervolgens bijna met de inzet van tactische kernwapens moeten dreigen, al merkte de telefoniste daar niets meer van omdat zij inmiddels vredig met de armen over elkaar achter haar formica tafeltje haar roes zat uit te slapen.

Ach, Moedertje Rusland toch.

Als ik er nu zou leven, zou ik mij ook in de drank storten.

Mijn Telegraaf-stukjes worden enkele dagen na publicatie op dit blog geplaatst. Abonneer je op de krant wanneer je ze direct wil lezen. Klik op het logo voor meer info.