3 maart 2020
Eén ding nog: we moeten mondkapjes om

Zullen we?

Ja, graag. De lust is wederzijds ditmaal. Ik heb zojuist ’One Flew Over The Cuckoo's Nest’ weer eens gezien. Nurse Ratched doet me zo aan jou denken. Heerlijk!

Wat hebben sommige mannen toch vreemde voorkeuren. Maar ach, wat kan mij het bommen. Genot voor alles. Kom, ik zal je helpen bij het uittrekken van je broek. Ik heb zo’n zin, man!

Hoho, niet zo hard van stapel lopen. Het is 2020, schat. We moeten eerst ons consummeringscontract tekenen.

Waar is dat nou weer voor nodig?

Je kunt in deze Harvey Weinstein-tijden niet voorzichtig genoeg zijn. Voor je het weet sleep je me na afloop voor de rechter wegens verkrachting. Zo gefikst hoor. Ik zal je de laatste passage voorlezen: 'Indiener dezes heeft het plan opgevat zijn affectie aangaande u met een gehoorzaming aan de oerdrift te bezegelen. Om dit voornemen te concretiseren is een verklaring van geen bezwaar benodigd, waaraan gestalte kan worden gegeven door dit document van beider handtekeningen te voorzien, alsmede van volledige namen en adressen, locatie, datum en tijdstip'.

Is dat werkelijk nodig? Nou ja, vooruit, ik vul het wel in. Sla jij de lakens dan alvast open?

Niet zo ouderwets, schat. Vroeger, voor de jaren tachtig, kon dat nog wel. Nu niet meer. Terwijl jij dat contract invult, zal ik het condoom om doen.

Huh!? We kennen elkaar toch al heel lang? Ik slik bovendien de pil. Kom op, d'r op en d'r over. Zoals je weet hoeft het voorspel van mij echt niet.

Nee nee, ik sta erop. Ik wil nog wat langer mee, zie je. Waar ligt dat pakje? O ja, in het laatje van het nachtkastje. Momentje, ik moet 'm even uit de verpakking peuteren. Zo, dat is dat. En nu mijn broek uit en dat ding eromheen. Hè verdorie, het lukt niet meteen. Hij laat zomaar het kopje hangen. Geen nood, ik heb een oplossing. Zou jij met de stem van Nurse Ratched 'You men are in this hospital because of your proven inability to adjust to society' willen zeggen? Dat is heel opwindend.

Zucht. Echt niet te geloven dit. Maar enfin, ik doe het wel. Komt-ie: 'You men are in this hospital because of your proven inability to adjust to society'."

Hij doet 't, hij doet 't! Het is eindelijk gelukt!

Ik zie 't. Kan-ie nu? Ik heb niet de hele dag de tijd.

Nog één ding: we moeten mondkapjes om.

Waarom in vredesnaam? Als ik vrij, wil ik zoenen ook. Dat gaat moeilijk met mondkapjes.

Je lijkt Gerrit wel, de rechterhand van boer Wopkema verderop. Die beperkte zich tot de veestapel. Da’s veel goedkoper, zei hij. Maar ja, binnen de kortste keren leed hij aan de varkenspest. Hij wilde er namelijk ook zo nodig bij zoenen. Het is niet anders, liefste. De coronacrisis vereist deze aanpak. Geloof het of niet, het went. En laten we wel wezen, het is ontzettend hygiënisch.

...

Hè, waar ga jij nu heen?!?

...

Kom terug jij!

...

Waarom sla je nou zo hard met de deur?!?


5 maart 2020
Weg met de verzachtende omstandigheden

Over vreemde gedachtenkronkels gesproken: lezend over Gökmen T. dacht ik aan professor Smalhout. Dat moet ik uitleggen, neem ik aan. Dr. Bob, zoals ik mijn nog steeds zeer gemiste collega met verwijzing naar de Muppet Show weleens noemde, vroeg mij ooit namens een juridisch blad of ik daar een stuk voor wilde schrijven.

Hij had dat zelf een jaar eerder gedaan, was er toen al, in tegenstelling tot zijn gesprekspartner, van overtuigd dat het tot de taken van een columnist behoorde om te trachten de wereld te verbeteren en zei: "Het is belangrijk, jongen. Je kunt er veel eer mee inleggen."

"Maar ik ben helemaal niet juridisch onderlegd", antwoordde ik.

"Dat maakt niet uit", zei professor Smalhout. "Geef je gezonde verstand de ruimte."

Een verzoek van dr. Bob weigerde je niet, punt. En dus schreef ik een column voor dat blad, waarin ik enige vraagtekens plaatste bij een juridisch gegeven waarvan ik toen reeds vond dat men er in de rechtspraak in de loop der jaren te veel waarde aan was gaan hechten: de verzachtende omstandigheid.

Mijn vrienden - ahum - in de strafadvocatuur lazen mijn stuk zonder enige twijfel met plaatsvervangende schaamte. Ik kwam aan hun speeltje, maar dat kon mij niet schelen. Ik vond toen en vind nu nog steeds dat de verzachtende omstandigheid bij het bepalen van een straf een veel te grote rol heeft gekregen. Inmiddels is het zelfs een lapmiddel voor een verouderd strafprocesrecht geworden, zoals de Belg Wim Mommaers het acht jaar terug in een proefschrift formuleerde.

Stel, Sjakie schiet zomaar de buurman dood. Haalt Sjakie dan zelf de trekker over, of zijn vader die hem vroeger zo vaak sloeg? Er zijn heel veel mannen die óók vaak door hun vader werden geslagen en helemaal niemand doodschieten. Sjakie is in de eerste plaats een slechterik, net als de moordenaar van Anne Faber bijvoorbeeld, en net als de man die ik in dit stukje als eerste noemde: het onmens Gökmen T.

Ik sluit niet eens uit dat er ook voor deze tramschutter - brrr, over eufemismen gesproken - verzachtende omstandigheden worden bedacht, misschien zelfs wel door zijn advocaat, die hem ondanks het feit dat hij geen juridische bijstand wenste door de rechtbank werd toegewezen: eveneens een staaltje van veel te ver doorgevoerd daderknuffelen als je het mij vraagt. Het leverde de jurist al een stevige fluim in zijn gezicht van zijn cliënt op toen hij, naar te vrezen valt inderdaad in een eerste poging om een verzachtende omstandigheid aan te voeren, openlijk aan diens beperkte verstandelijke vermogens refereerde.

Met wat Gökmen T. in de rechtszaal flikte (de rechtbankschets hierboven is van de briljante Telegraaf-tekenaar Petra Urban), met wat hij met zijn schokkende wangedrag zijn advocaat en vooral de nabestaanden van zijn slachtoffers aandeed, met hoe hij de rechters en de vertegenwoordigers van het OM bejegende, verspeelde hij wat mij betreft al zijn rechten, op wat dan ook.

Als dat juridische blad nog bestaat, zou ik er best een pleidooi voor het uitbreiden van verzwarende omstandigheden voor willen schrijven.


7 maart 2020
How dare you, Frans Timmermans!

Het was niet voor het eerst en vast ook niet voor het laatst. Maar het geschiedde wel en het deed pijn aan mijn oren en ogen: het Europees Parlement gaf Greta Thunberg een staande ovatie nadat zij alles en iedereen weer eens boos op z'n flikker had gegeven in een toespraak.

Ze is 17 jaar inmiddels - wéér een jaartje dichterbij het volwassendom, al moet zij voordat zij die status bereikt nog steeds - neem dat maar van opa aan - een long and winding road afleggen. Zeker in haar asperger-geval zouden optimale bescherming en begeleiding door haar opvoeders en haar gevolg daarbij vereist moeten zijn. Het is helaas geen vanzelfsprekendheid bij dit boegbeeld der klimaatactivisten.

Het is nog steeds een kind, verdomme, een kind dat nota bene niet goed is, maar zowel de Europese Commissie van Ursula von der Leyen en Frans Timmermans als het Europees Parlement deinst er niet voor terug om de heiligverklaring die Greta Thunberg de afgelopen anderhalf jaar her en der ten deel is gevallen om opportunistische redenen andermaal te bekrachtigen.

Ik doe even een Gretaatje.

How dare you, EC!

How dare you, EP!

Zie eens wat er aan de hand is in Europa. Zie eens hoe mensonterend de situatie is in Griekenland. Zie eens hoe het coronavirus momenteel om zich heen grijpt. En zie eens wat ze dáár op Europees niveau aan doen.

De Europese machthebbers - militaire macht hebben ze niet, maar ik noem ze toch maar zo - laten zich andermaal piepelen door Erdogan, die met mensen omgaat zoals een spin met de vliegen in zijn web. Von der Leyen c.s. beloofden Athene met mooie woorden steun nu de Turkse dictator de grenzen voor migranten van diverse pluimage bij wijze van chantage heeft opengezet. Tot op dit moment, echter, moeten de Grieken de grenzen zelf bewaken. Die opgave is zo zwaar dat het steeds verleidelijker wordt om de poorten gewoon maar open te zetten en de doorstroom naar de andere Europese landen te bevorderen. Bovendien had het overleg dat de Europese gezondheidsministers nu dan eindelijk over een gezamenlijke aanpak van Covid-19 met elkaar voeren al minstens twee maanden geleden moeten plaatsvinden. Sterker nog: er had allang een noodplan moeten klaarliggen.

Hoe krijgen ze het voor elkaar. Hoe durven ze in een blijkbaar onweerstaanbare deugaanval temidden van soortgelijk OSM-volk een staande ovatie voor een onevenwichtig, 17-jarig wicht aan terwijl dat soort gigantische problemen speelt. Waar haalt Frans Timmermans op dit zo ongeveer slechtst denkbare moment de lef vandaan om Greta Thunberg wederom als een heldin te ontvangen in een wel heel doorzichtige poging zijn megalomane, minimaal 1000 miljard kostende, zonder enige burgerlijke inspraak tot stand gekomen Europese Green Deal te promoten.

U daar, mevrouw.

Zou u mij even willen vragen welk werkwoord er in mij opkomt als ik met het begrip Europese eenheid word geconfronteerd?

Hier alvast het antwoord: falen.


10 maart 2020
We hoeven tante Mathilde niet te zoenen

Nee, 't is niet best allemaal. We gaan naar de verdoemenis en dat is natuurlijk nooit prettig. Liever was ik pas op mijn 104de hemelen gegaan, rustig in mijn slaap. Nu gaan we potdorie met z'n allen aan de corona ten onder.

Maar hé, er is een lichtpuntje!

We hoeven tante Mathilde niet meer te zoenen!

Excuses aan alle vrouwen, in het bijzonder uiteraard degenen die Mathilde heten. Ze hebben het al zo moeilijk sinds Jacques Brel een lied aan iemand met die naam wijdde: "Mon cœur, arrête de bringuebaler / Souviens-toi qu´elle t´a déchiré / La Mathilde qui est revenue." Een bitch hors catégorie dus, dat Brel-liefje. Toch moeten er ook Mathilde's bestaan die mooi en trouw en lief zijn. Dat kan niet anders.

Ik ken ze alleen niet.

Tante Mathilde kwam in mijn leven toen ik een peuter was. Hoewel ze allang is overleden staat ze zelfs nu nog, voor mij althans, model voor alle vrouwen die een homoseksualiseringsproces, indien latent aanwezig, aanzienlijk kunnen versnellen. O, die half geopende mond waarvan de vochtige lippen slechts door slijmslierten met elkaar verbonden waren. O, die lillende, met lichtblauwe aderen doorspekte bleke vleesmassa. O, die hebberige, uitpuilende schelvisogen als zij haar dikke armen om mij heen sloeg. O, dat onpeilbaar diepe decolleté waarin ik welhaast werd verzwolgen.

Ik wilde altijd meteen naar mijn zolderkamertje rennen als oom Rudolf en tante Mathilde op verjaardagsvisite kwamen. Maar dat mocht niet van mijn moeder. Uitzonderingen maken was uit den boze. Mij wel door tante Sophie laten omhelzen (op haar was ik ernstig verliefd, zeer terecht volgens mijn vader), maar niet door tante Mathilde - hoe haalde ik het in mijn hoofd. Als tante Mathilde mij wilde zoenen, dan mocht tante Mathilde mij zoenen, klaar. En dat terwijl de ongezonde gretigheid waarmee zij de handeling verrichtte niemand kan zijn ontgaan. Oom Rudolf ontging het in elk geval niet. Maar hij loste dat op door binnen een half uur een halve liter Hartevelt naar binnen te klokken.

Ik zeg u: was er toen corona geweest, dan zou dat mijn bestaan aanzienlijk hebben vereenvoudigd.

Nu hoeven we de tantes Mathilde onder ons immers niet meer te zoenen.

Sterker nog, we mogen het niet eens!

Geniet, landgenoten! Vier feest! Het zal soms best moeite kosten, gezien de toekomstverwachtingen, maar máák er nog iets van! We hebben eindelijk een excuus als we door de tante's Mathilde van nu worden benaderd: slechts de elleboogtik is toegestaan. Oké, persoonlijk had ik betere varianten bedacht. Een serie onderlijfstoten voor degenen die daarvoor door de initiatiefnemer worden uitverkoren, bijvoorbeeld. Met oplopend ritme, het liefst resulterend in een opdracht aan het kroost om een half uurtje buiten te gaan spelen. Maar je kunt niet alles hebben. We moeten gewoon hartstikke blij zijn dat de zoen wegens de hoge gezondheidsrisico's niet langer als maatschappelijk aanvaardbaar wordt beschouwd.

Toch nog een happy end!

Wie had dat gedacht!


12 maart 2020
Pride is nu pas echt van de verkeerde kant

Wel een mietje hoor, die Huffnagel. Waarom opgestapt? Zelf was ik blijven zitten waar ik zat. "Jullie willen het toch zo inclusief en divers mogelijk?" had ik geroepen. "Dit zegt Pride Amsterdam nota bene op zijn eigen website: Pride is een festival om te vieren dat je kunt zijn wie je bent."

En vervolgens had ik ze gewaarschuwd dat ik me zelfs niet zou laten wegslepen door een knokploeg van besnorde sportschoolnichten met harige anabolenlijven, kapiteinspetten en een leerfetisj.

Stigmatiserend, deze woorden? Ik houd me nog in. Zo las ik te midden van al het nieuws over het gedwongen afscheid van Frits Huffnagel als voorzitter van Pride Amsterdam een tweet van ene Pieter Nijhof, die deze op zich al behoorlijk verontrustende info in zijn bio heeft staan: "Stadsdeelcommissielid Nieuw-West, GroenLinks, Voorzitter RozeLinks, LHBTIQ+, Hardloper, Vegan, Yoga." Hier de tekst van zijn opvallende juichtweet: "Het gehele bestuur van Pride Amsterdam stapt op na controverse rondom Frits Huffnagel en nog voor de editie van 2020. Op naar een mooie, diverse en inclusieve Pride Amsterdam!"

Ja, echt: stadsdeelcommissielid Nieuw-West namens GroenLinks, deze meneer, als het tenminste een meneer is want dat kun je tegenwoordig ook niet meer zomaar zeggen. Nieuw-West is een van die Amsterdamse stadsdelen waar homovriendelijkheid net zo vaak wordt waargenomen is als een ijsberenkolonie in de Sahara. Vraag het bijvoorbeeld maar aan fotograaf Erwin Olaf: daar, als man, hand in hand met een andere man over straat lopen kan als een zelfmoordpoging worden uitgelegd. En toch durft GroenLinkser Pieter Nijhof, stadsdeelcommissielid Nieuw-West, er kirrend van blijdschap zo'n boodschap uit te gooien, hetgeen mij ertoe verleidde om een stelling die ik enkele weken geleden op deze plek poneerde - "D66 is de verschrikkelijkste partij van Nederland" - te heroverwegen.

Hoe durf je over 'een mooie, diverse en inclusieve Pride Amsterdam' te spreken als je Frits Huffnagel eruit hebt gewerkt omdat hij een andere dan de als correct beschouwde mening over een onderwerp heeft dat helemaal niets met de homowereld van doen heeft? Strijdend tegen discriminatie erop los discrimineren: de 96 (!) van overheidssubsidie (!) aan elkaar hangende clubjes - het zal niemand verbazen dat KOZP ook zwaar is vertegenwoordigd - die Huffnagel met hun griezelige gejank tot zijn ontslag brachten deinzen er niet voor terug en kregen ook in dit geval weer hun zin.

Dit is eng, man.

Dit is zo ontzettend eng.

Ik bekeek de Canal Parade de laatste jaren toch al steeds meer met gemengde gevoelens. Veel te correct geworden, veel te politiek ook, veel te nadrukkelijk gekaapt door de SJW-beweging. Waarom uitgerekend daar spandoeken met teksten als Black lives matter? Ik vraag maar iets. En dat terwijl een groot deel van de nichtenwereld, mede dankzij de hierboven beschreven straattaferelen in Nieuw-West, rechts en conservatief is.

Terug op de troon, Huff!

Alleen dan ga ik nog kijken.

Nu is de Pride pas echt van de verkeerde kant.


14 maart 2020
T.k.a.: contant geld, tegen ieder aannemelijk bod

Te koop aangeboden: papiergeld en munten. Negen biljetten van vijftig euro, dertien van twintig euro, tien briefjes van tien, acht van vijf en een handvol munten ter waarde van exact € 21,65. Totaalwaarde € 871,65. Elk bod van boven € 800 wordt in overweging genomen. Helaas worden alleen pinbetalingen geaccepteerd.

Zo, dat is dat. Mijn naam is Jan Splinter en zo kom ik door de winter, die naar ik vrees nog maandenlang bar & boos zal zijn. Driemaal moest ik mijn quarantaine onderbreken om boodschappen te doen, de laatste keer nadat iemand mij had getipt dat er bij buurtsuper Wopkema & Zonen in Noordergat (Fr) nog toiletpapier verkrijgbaar was. Ik spoedde mij er over de Afsluitdijk heen, kocht de hele voorraad op en weet mijn kelder van vijftig vierkante meter thans tot de nok gevuld. "Poept u maar!" riep ik dolenthousiast tegen mijn vrouw. Waarna zij zich hoofdschuddend weer op haar breiwerkje concentreerde. Geen idee, trouwens, waarom het oprukkende coronavirus wereldwijd voor een run op wc-rollen heeft gezorgd. Keren we terug naar onze anale fixatie-periode wanneer we in doodsangst verkeren? Misschien moeten we het Henri Beunders vragen.

Enfin, driemaal dus. Driemaal betrad ik te midden van de maatschappelijke chaos een levensmiddelenwinkel en driemaal werd het mij eerst toegestaan de zaak te verlaten nadat ik er na lang maar vergeefs soebatten toch maar weer mee had ingestemd om af te zien van cash betalen. "Wij kunnen het niet meer accepteren, meneer", sprak men telkens beslist. "Contant geld kan besmettelijk zijn."

Mooi klaar was ik ermee.

Ik had een paar dagen eerder in Maastricht met negen man gedineerd, wilde toen wel weer eens de sensatie voelen van een dik pak zwart geld in mijn broekzak en zei tegen de andere leden van het gezelschap: "Ik betaal per pin met mijn zakelijke kaart en dan geven jullie mij jullie aandeel contant."

Ik nam daarmee een groot risico omdat het grootste deel van mijn tafelgenoten uit vertegenwoordigers van de journalistiek bestond, die inderdaad met uitgestreken smoel verklaarden dat zij het liever later per Tikkie wilden overmaken. Dat is journaillejargon voor: je kunt fluiten naar je centen, makker, bovendien werk je toch voor de Telegraaf. Maar uiteindelijk lukte het, met als resultaat dat ik sindsdien met een dikke stapel bankbiljetten rondloop die ik nergens meer kwijt kan.

Ziet u het voor zich?

Sta je met een boodschappenkar vol toiletpapier in de rij voor de kassa van buurtsuper Wopkema & Zonen in Noordergat (Fr), vervloek je intussen de idioten Donald Trump en Frans Timmermans omdat zij het coronavirus met beschamende uitspraken voor eigen gewin trachten te gebruiken en krijg je, wanneer je eindelijk aan de beurt bent, door zo'n snowflake met felroze gelakte nagels toegebeten dat je slechts per pin kunt betalen.

Eén keer kan ik dat hebben, twee keer ook, maar dríe keer?

Zou Klaas Knot soms achter dat virus zitten?

Bij nader inzien ga ik ook met een bod van € 750 akkoord.


17 maart 2020
Probleempje: ik wil de deskundigen graag geloven

Dat komt ervan als je nergens voor hebt doorgeleerd: ik geloof deskundigen graag op hun woord. Daardoor raak ik, zeker nu, steeds weer in verwarring.

Klopt, de coronacrisis maakt zelfs voor mij veel duidelijk. Hoe weinig dingen echt belangrijk zijn, bijvoorbeeld. We kunnen zonder de kroeg en het eethuis, we kunnen zonder voetbal, wielrennen en andere sporten, we moeten back to the basics en zie, we leven verder, althans: verreweg de meesten van ons. In een heel andere, minder luxueuze en/of decadente vorm weliswaar, maar toch. Misschien werkt het zelfs louterend.

We leren weer welke beroepen er echt toe doen. Met name onze linksliberaal angehauchte elite haalt er vaak de neus voor op, maar ik roep: bravo hulpverleners van alle soorten en maten, bravo retailmedewerkers, bravo alle anderen die de boel ook draaiende houden. Ik neem mijn hoed voor jullie af en beloof alvast solidariteit bij de volgende cao-onderhandelingen. Al meer dan 3000 aanmeldingen voor medische assistentie van landgenoten met een zorgachtergrond: indrukwekkend.

We beseffen echter ook hoe slecht de ernst van catastrofes zoals deze nog steeds tot veel mensen wil doordringen. Neem de volle cafés en terrassen voordat de sluiting zondagavond een feit werd. Neem die Turkse bruiloft waarbij doodleuk 500 mensen op elkaar waren gepropt. Neem het feit dat nogal wat gezinnen maandag van het boodschappen doen een gezellig uitje maakten waarbij alle veiligheidsinstructies aan de laars werden gelapt. Luister eens naar Dansen op de vulkaan van De Dijk. En sta er dan ook even bij stil dat er ziekenhuisbezoekers bestaan die mondkapjes jatten.

Zo, dan ben ik nu, via een lange omweg die ik per se niet wilde overslaan, eindelijk waar ik wezen wil: de sluiting der scholen. Ik zei al dat ik nergens voor heb doorgeleerd en daarom graag de deskundigen, zoals Ab Osterhaus, op hun woord geloof. Waar moet ik mij in mijn domme geval anders op baseren? Maar dat is meteen ook het probleem: allerlei deskundigen zijn het volledig met elkaar oneens, ook op andere coronaterreinen trouwens.

Sluiten die scholen! Dan is er veel minder besmettingsgevaar! Ik las het in tal van stukken, die vaak goed leken te zijn beargumenteerd. En wat las ik vervolgens? Een uitstekend onderbouwd betoog van de degelijke wetenschapsjournalist Maarten Keulemans (Volkskrant), van harte toegejuicht door anderen, waarin werd uitgelegd dat er juist minder besmettingen zouden plaatsvinden als we de kinderen naar school zouden blijven laten gaan.

Samenvatting: „De ’scholen-dicht-reflex’ is gebaseerd op het pandemie-draaiboek voor griep. Logisch, want bij griep is jeugd de motor. Bij Covid-19 is dat patroon compleet anders. Slechts 2,4% is onder de 18. In China vond de WHO geen enkel geval van overdracht kind. Ergo: omgang volwassenen beperken, dát is de crux.”

Verwarrende tijden, inderdaad.

Eén ding staat vast: de angst mag nooit regeren.

In tegenstelling tot het gezonde verstand.


19 maart 2020
De onverschilligheid, het egoïsme: brrr

Het is onprettig toeven op de sociale media dezer dagen. Ik erger mij te pletter aan de hordes die zichzelf al schamperend meer bevoegd achten om over de coronacatastrofe te oordelen dan alle virologen, microbiologen, epidemiologen en andere mensen die ervoor hebben doorgeleerd bij elkaar - en dat zijn er ook tot mijn verrassing heel wat.

Dat is toch wel een groot nadeel van platformen als Twitter en Facebook: de stem van Simon Zeiksnor, onwetend tot in al zijn poriën, klinkt er even luid als die van degenen die wel verstand van zaken hebben.

Jaar of zes gestudeerd, deze wetenschappers. En vervolgens een promotie-onderzoek van zo'n vier jaar gedaan, voordat zij als voldoende opgeleid konden worden beschouwd om bijvoorbeeld de Staat te adviseren in het geval van een maatschappelijke noodsituatie. Dat is tien jaar van hun leven. Daarom zou het voor mij, als ik in hun schoenen zou staan, in deze bizarre, unieke crisistijd heel moeilijk zijn om te accepteren als mij voortdurend de maat werd genomen door een peloton van schuimbekkende betweters, in werkelijkheid natuurlijk door angst gedreven, die zich gemiddeld geen tien jaar, maar tien minúten in de materie hebben verdiept. Zelf blijven zij daar opvallend rustig onder en dat bewonder ik zeer in hen.

Er is nog een reden waarom ik mijn telefoon, die ik in het begin zo ongeveer elke twee minuten checkte, steeds vaker weg leg: ik erger mij óók vaak dood aan de berichten, op dezelfde sociale media verspreid, waaruit de domheid en hufterigheid van een helaas veel te groot deel van de bevolking blijkt, dat volgens mij overigens over hetzelfde dna beschikt als de landgenoten zoals hierboven door mij met enige wrevel beschreven.

Neem dit bericht, aan mij gericht, van Marco Luk, onder andere organisator van het jaarlijkse evenement Strips op de Markt in Gouda (dit jaar voor 3 mei gepland, dus dat zal ook wel worden uitgesteld): "Over het slechtste in de mens: gisteren (maandag 16 maart, RH) zaten de (onbemande) horeca-terrassen op de Goudse Markt vol (!) met mensen, die bij de locale AH broodjes en drankjes hadden gehaald en die daar zaten te nuttigen. Een steek in de rug van de verplicht thuiszittende ondernemers en een dikke vinger naar mensen die zich wél aan de richtlijnen tegen corona houden."

En zo zijn er nog talloze voorbeelden.

De onverschilligheid, het egoïsme, het totale gebrek aan besef van wat er aan de hand is en van het feit dat dergelijk gedrag tot nog veel meer besmettingen leidt: brrr.

Ik weet 't: die blijkbaar onuitroeibare zo'n-vaart-zal-het-niet-lopen-mentaliteit, ook bij de ontelbare ouders trouwens die hun kroost alsof het een dagje uit betreft gezellig meenemen naar de supermarkt, is niet iets exclusief Nederlands. Ik zag óók die tenenkrommende beelden vanuit een banlieue in Parijs - en dat terwijl Frankrijk officieel op slot zit - van een versmarkt die zo druk was dat de bezoekers bijkans over elkaar heen struikelden.

Maar ik woon hier.

Ik heb met dít volk te maken.

En zucht diep.


21 maart 2020
Luister ik toch naar mijn boerenverstand

Kijk, nóg een reden waarom je de zoektocht naar oplossingen voor de coronacatastrofe beter niet in handen van amateurs kunt geven: wanhopig speurend naar bevrijdend nieuws, lees ik voor de zoveelste maal dat het malariamedicijn chloroquine 'goed kan werken' en denk ik andermaal: nu echt geen seconde meer wachten, fabrikanten, draai in vredesnaam zo snel mogelijk miljarden van die pillen, maakt me niet uit hoeveel jullie ermee verdienen, bezorg ze tot in alle uithoeken van de wereld en laat iedereen ze slikken.

Kwestie van een paar weken, toch?

Oké, 't is geen vaccin, maar in elk geval een medicijn.

Nou, zo werkt het dus niet.

De Amerikaanse biotechinvesteerder Vas Bailey verklaart dat het bewijs niet hard genoeg is. Een Harvard-professor benadrukt dat het nog onduidelijk is wat de optimale dosis is en of ernstig zieke patiënten ermee behandeld kunnen worden. "En het grootste probleem", meldt deze krant, "is dat er nog geen zogenoemde dubbelblinde test is geweest, waarbij noch de onderzoekers noch de proefpersonen weten wie het medicijn krijgen en wie het placebo."

Wat kan mij dat bommen, denk ik, mijn boerenverstand voorrang verlenend. Hoepel op met je dubbelblinde test, nood breekt wetten, het is een zeventig jaar oud medicijn, de bijwerkingen zijn allang bekend. Schrijf die pillen daarom evengoed voor, dat zijn ze in Israël ook van plan, farmabedrijf Teva neemt daar zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid en stelt miljoenen chloroquine-pillen beschikbaar aan Netanjahu. Het lijkt mij het proberen waard, veel patiënten sterven anders toch. En wij hebben toch die soortgelijke fabriek in Zeewolde, waarvan de woordvoerders, met bevestiging van enkele medici, óók beweren dat behandeling met chloroquine succesvol is?

Maar ja, dit schreef ik zelf van de week nog over het feit dat de experts nu karrenvrachten kritiek over zich heen krijgen gekieperd: "Jaar of zes gestudeerd, deze wetenschappers. En vervolgens een promotie-onderzoek van zo'n vier jaar gedaan, voordat zij als voldoende opgeleid konden worden beschouwd om bijvoorbeeld de Staat te adviseren in het geval van een maatschappelijke noodsituatie. Daarom zou het voor mij, als ik in hun schoenen zou staan, in deze bizarre, unieke crisistijd heel moeilijk zijn om te accepteren als mij voortdurend de maat werd genomen door een peloton van schuimbekkende betweters, in werkelijkheid natuurlijk door angst gedreven, die zich gemiddeld geen tien jaar, maar tien minuten in de materie hebben verdiept."

Ik moet dus mijn grote bek houden.

Hé, wat lees ik nu?

Ik citeer Mark Green, arts en Republikeins lid van het Huis van Afgevaardigden: "In combinatie met azitromycine, een antibioticum tegen onder andere bronchitis, overwint de nieuwere versie hydroxychloroquine van het oude betrouwbare malariamedicijn chloroquine volgens drie studies - in Australië, in China en in Frankrijk - in honderd procent van de gevallen het virus, soms in drie dagen, in elk geval in zes dagen."

Hè verdorie, luister ik toch weer naar mijn boerenverstand.


24 maart 2020
Weg moesten ze, weg, weg, weg!

Zelfs in het hotelwezen stuitert de coronabal alle kanten op. Van der Valk en Fletcher als tijdelijke zorglocaties: wie had dat durven voorspellen? Het is een initiatief van huisartsen, thuiszorgorganisaties en ziekenhuizen in de regio Limburg.

De ziekenhuizen stromen vol met ernstig zieke coronapatiënten. Voor andere hulpbehoevenden, inclusief de coronapatiënten die er minder slecht aan toe zijn, is daardoor steeds minder ruimte beschikbaar. Zij worden nu ondergebracht bij Van der Valk- en Fletcher-filialen.

Nu kom ik niet dagelijks bij uitspanningen van deze ketens over de vloer. Op dit moment al helemaal niet trouwens: behorende tot de risicogroepen (hoera, ik hoor eindelijk ergens bij!) hebben mijn vrouw en ik onszelf in beperkte quarantaine in ons boerenwoninkje aan de kust geplaatst, een situatie die gezien de ontwikkelingen nog weken zal voortduren en drie keer per dag wordt onderbroken voor een eenzame wandeling met Bavink, die het trouwens allemaal even prachtig vindt.

Mede op grond van een indringend staaltje empirische wetenschapsbeoefening mijnerzijds, diep in de vorige eeuw, toen ik nog in de overtuiging dat de bronsttijd 365 dagen per jaar duurde als een burlend edelhert door het bestaan banjerde, ben ik er desondanks van op de hoogte dat de drukst bezochte filialen van deze twee populaire hotelgroepen in het pre-coronatijdperk wel eens een bezettingsgraad van 125% haalden.

Je pikte ze er zo uit, de vreemdgangers, zodra zij, meestal in het middaguur, het hotel betraden. Zij bleef meestal discreet in een hoekje van de lounge wachten, terwijl hij zich bij de balie meldde met de vaak op fluisterende toon gestelde vraag, soms begeleid door een schalkse knipoog, of er ook een kamer voor een paar úúr kon worden geboekt. Welnu, dat kon. De receptionistes wisten van wanten. Contant afrekenen? Vanzelfsprekend, meneer, zullen we dat meteen maar doen? De huishoudelijke dienst werd terstond verwittigd en een half uur na het vertrek van het stoute stel was het bed in de kamer alweer voorzien van schone lakens, met andere woorden: in gereedheid gebracht voor de volgende logés.

Dat waren nog eens tijden!

Nu ze tot thuiswerken zijn veroordeeld moeten ze veelal gedwongen binnenshuis blijven, de overspelplegers onder ons, angstaanjagend dichtbij de wederhelft en vaak te midden van een stel dreinende rotkoters die niet naar school mogen. Zo gek is het daarom ook weer niet dat er het afgelopen weekeinde tegen alle regeringsopdrachten in massaal op uit werd getrokken. Weg moesten ze, weg, weg, weg! Het is op het ogenblik heel correct om die mensen tot op het bot uit te schelden, maar enig mededogen is óók op zijn plaats. I've been there, luitjes. Het was hartstikke fout wat ze deden, maar als er ooit sprake was van een verzachtende omstandigheid was het nu wel. Al moeten ze het natuurlijk nooit meer doen.

Zou de 125% bezettingsgraad wederom worden gehaald?

Vast niet.

Maar het is wel een bewonderenswaardig initiatief.


26 maart 2020
Pak ze aan, die klagende rimpelkikkers!

Kijk, zó pak je ze aan, die eeuwig klagende rimpelkikkers: „Wees niet veeleisend maar wees blij met wat jullie krijgen. Vanaf morgen gaat iedereen die zichzelf nog kan wassen, zelf wassen!! Geef onze collega’s meerdere keren per dag een dankuwel en een compliment, anders houden zij dit niet vol!! Jullie hebben allemaal de oorlog meegemaakt, wat nu komt is minstens even erg dus AUB heb respect, klaag niet en wij doen ons uiterste best!!!”

Met andere woorden: jullie moeten niet zo zeiken in deze barre coronatijden, oudjes.

Of: wees blij dat we jullie nog in leven laten.

Voor alle duidelijkheid: dit is een brief van het verzorgingshuis Poldervliet in het Vlaamse Kruibeke aan de bewoners, in verkorte versie. En het is een verademing, zo’n approach. Eindelijk iemand die de overbodigen op de juiste wijze benadert. De overbodigen, inderdaad. De enige goeie omschrijving. Je kunt niet eeuwig ’OK boomer’ blijven roepen. Veel te slap en vrijblijvend. Bejaarden zijn overbodig, punt. En hulpbehoevende bejaarden al helemaal. Ze voegen niets toe, terwijl ze wél jaarlijks voor ontelbare miljarden aan zorg opslurpen.

„Wat zegt je, opa? Een schone luier? Je krukken staan om de hoek.”

That’s the spirit!

Dat de ondertekenaar van de brief Nathalie heet is best jammer. In het besef dat Kruibeke in de route van de Ronde van Vlaanderen was opgenomen, hoopte ik eigenlijk op een Sjefke, fanatiek supporter van stoempers zonder vrees voor een patat in het aangezicht en om die reden diep teleurgesteld over de afgelasting van de koers der koersen. Ik hield dus al rekening met een scenario waarin het hoofd van het verzorgingshuis Poldervliet de woorden zoals in het schrijven vervat vooral uit frustratie hierover had neergepend.

Maar ja, het hoofd heet geen Sjefke.

Het hoofd heet Nathalie en is vast een kloon van Nurse Ratched (One Flew Over the Cuckoo’s Nest).

Laten we wel wezen, de woordkeuze in de brief past in het huidige tijdsbeeld. Langzamerhand worden tijdens de coronacatastrofe, terwijl voortdurend het nakende gebrek aan ic-bedden erbij wordt gehaald, de geesten rijp gemaakt voor een realiteit waarin niet meer op Magere Hein hoeft te worden gewacht. Steeds nadrukkelijker wordt erop gewezen dat de meeste slachtoffers toch al op sterven na dood waren. Steeds vaker worden met enige gretigheid voorstanders van euthanasie geciteerd, zoals die Amerikaanse senator die zei dat hij graag zou plaatsmaken voor zijn kinderen en kleinkinderen als zij daar baat bij zouden hebben. Steeds duidelijker zie ik daardoor polderlandse politici als Corinne Ellemeet en Pia Dijkstra stiekem hun vuistjes ballen, als ze daarover worden ingelicht.

Dan valt deze brief nog best mee.

Maar wat lees ik nu?!

„Graag willen we vanuit het WZC Poldervliet reageren op de brief die momenteel circuleert. Wij zijn er ons van bewust dat de toon van deze brief niet door de beugel kan.”

Nou ja, zeg!

Toch weer een knieval voor die vieze ouwe profiteurs!


28 maart 2020
Niet ziek maar sick: doen alsof je corona hebt

Aan wie ook best wel eens een diepgaand psychiatrisch onderzoek zou mogen worden besteed: de landgenoten, indien traceerbaar, die hun omgeving op de mouw proberen te spelden dat zij aan corona dreigen te sterven.

Is het een OCD'tje, oftewel een Obsessief Compulsieve Stoornis, zoals de dwangneurose tegenwoordig wordt genoemd? Is het ziekelijke aandachttrekkerij van iemand die aan het Syndroom van Münchhausen lijdt? Of is het nog ernstiger?

Hoe dan ook wees onze verslaggever Marcel Vink deze week in een lezenswaardige getuigenis voor de rubriek In het vizier al op een serie tweets van iemand die zich voordeed als een jonge Nederlandse vrouw, met vriendinnen reizend door de VS en daar besmet geraakt. Ik kwam die tweets ook tegen. Tot in detail werd haar situatie beschreven. Eén vriendin was al dood, liet zij weten. Verder beweerde zij dat zij ziek en bang op haar buik op de IC lag.

Ondanks 48 jaar journalistieke ervaring tuin ik opvallend vaak in fakenews. Ditmaal niet. Ik wantrouwde de berichtgeving direct en het wekte bij mij dan ook geen verbazing dat er in geen enkel medium een vervolg op kwam, zoals Marcel Vink ook in zijn rubriek uitlegde. Het twitteraccount bleek na verloop van tijd ook verdwenen.

O, zeker, ik ben best in voor een geintje. De satirische site De Speld staat vooraan in mijn bladwijzerbalk en ik heb zelf ook het een en ander op mijn geweten. 'Van al onze verslaggevers' boven een bericht van drie regels zetten waarin de heropening van een kroeg werd gemeld: dat werk. Net als overigens het fotobijschrift 'Anky van Grunsven en Salinero. Links Anky', doch dit terzijde.

Door de jaren heen ben ik achtereenvolgens drie dagen lang een Tsjechische tenniscoach geweest in Dallas (Texas), hetgeen toch enigszins lastig werd toen de blondine met wie ik daar een soort van verkering had gekregen mij plots aan haar Praagse zwager wilde voorstellen, een zware shag rokende Roemeense wereldkampioen judo in Tel Aviv en een Russische matroos genaamd Boris in Glasgow. In het laatste geval leverde dat eveneens enige problemen op, toen een Schotse nicht die wellicht reeds een ruige zeebonkennacht in gedachten had na het sluitingsuur onaangekondigd bij ons in de taxi wilde stappen.

Flauw, misschien.

Maar in elk geval pogingen tot humor.

Ik was dan immers, als verslaggever, altijd met anderen op stap, vooral fotografen, die mijn gedaanteverwisselingen trouwens meestal ook verzonnen.

Wat mankeer je, echter, wanneer je helemaal in je eentje, achter je pc, misbruik makend van de grootste dreiging sinds de Tweede Wereldoorlog en suggererend dat je iemand anders bent, iedereen tracht wijs te maken dat je aan het corona-virus dreigt te sterven nadat een vriendin al door dat noodlot is getroffen? Wie doe je daar een plezier mee? Alleen jezelf, vermoedelijk. En dat is dan behoorlijk sick.

Wat zegt u?

Dat ik zelf, gezien mijn onthullingen, ook eens met een zielenknijper in de slag moet?

Ik ga alleen akkoord met Esther van Fenema.


31 maart 2020
De crisis reset mijn prioriteiten

De neiging tot mildheid die mij de laatste dagen steeds nadrukkelijker bekruipt is inmiddels het vermelden waard. Voorbeeld: ik hoor dat oorverdovende gekrijs over het Corona-lied voor BN’ers van componist Han Kooreneef. En het eerste wat ik denk is: "Wat maakt dat nou toch uit, mensen. Láát ze."

Vroeger zou ik mij zeker & vast in de eerste rij der krijsers hebben opgesteld. Ik had beslist een alternatieve tekst gemaakt, wellicht zoiets als 'Liever een bedorven toetje van Mona / Dan een slijmlied over Corona'. Waarom subtiliteit als het grof kan, nietwaar? Smalend zou ik, in één adem door, de Serious Request-poging om eveneens iets met deze gezondheidscrisis te doen hebben afgedaan als gemakzuchtig aanhaken bij het verdrietsexhibitionisme dat ons steeds vaster in zijn greep krijgt. En over het alternatieve paasverhaal - zonder band, zonder publiek - dat ze nu bij The Passion willen gaan vertellen ("Geef mij je angst") zou ik óók wel iets cynisch te melden hebben gehad.

En nu?

Nu denk ik in het laatste geval: "Ach, veel mensen vinden in deze barre dagen troost bij de woorden van Jezus."

Nee, ik heb geen koorts en mijn kortademigheid is alleen een probleem wanneer ik met een te zwaar verzet het Kopje van Bloemendaal op koers. Misschien heeft de corona-ellende wel zo hard op de gemoedstoestand van ridder Robbie ingebeukt dat er barstjes zijn gekomen in het harnas waarin hij zijn ware persoonlijkheid al een halve eeuw verborgen heeft weten te houden.

Feit is dat het mij nu moeite kost om zo hard mee te blèren.

Mijn hemel, wat een kolereherrie momenteel.

En dat terwijl angst een slechte raadgever is.

Maandag zou ik, via Chicago, voor een week naar Louisville, Kentucky, zijn gevlogen, voor een reportage over Mohammed Ali ter gelegenheid van het feit dat hij zichzelf zestig jaar geleden, toen nog als Cassius Clay, als deelnemer aan de Olympische Spelen van Rome aan de wereld voorstelde. Ik keek er zeer naar uit. Het opvallende is dat het cancelen van die trip, op last van The Donald, mij lang niet zoveel hindert als het feit dat Rutte’s coronamaatregelen mij de mogelijkheid ontnemen om na het uitlaten van Bavink een kopje koffie in een strandpaviljoen te nuttigen.

Reset de crisis mijn prioriteiten? Het heeft er alle schijn van.

Doen de kleine dingen er nu ineens weer veel meer toe?

De kleine gesprekken sowieso.

Ik bel A. L. Snijders, de schrijver. Hij is 82 en onlangs opnieuw getrouwd, de bruid heet Ineke Swanevelt. Zij beleven wel héél aparte wittebroodsweken: het kersverse echtpaar behoort tot de risicogroepen en heeft zich teruggetrokken in hun Achterhoekse boerderij.

"Ik lees net dat vooral mensen met overgewicht door het virus worden getroffen", zegt A. L., die bijna twee meter lang is. "Ik zit dus goed, want ik weeg iets meer dan 80 kilo. En jij?"

"125 kilo."

"O, dan had ik daar maar beter niet over kunnen beginnen."

We schateren.

De bevrijdende lach is mij op dit moment heel veel waard.