Zeker wanneer uw aards verblijf wordt geteisterd door nieuws aangaande ondeugdelijke transgenderwetten, Oost-Europees oorlogsgeweld, gesaboteerde pijpleidingen, torenhoge energierekeningen, immigratiewaanzin, uit de hand lopende inflatie, nieuwe coronagolven, sociaaldemocratische luistertoers en welke handeling dan ook van Ursula von der Leyen, beschouw ik het als mijn plicht om het zo optimaal mogelijk te veraangenamen.

Vandaar de volgende mededeling, waarvan het belang niet genoeg kan worden benadrukt.

Voor u geproefd en goedbevonden: Tesselaar-bier.

Ik proefde het bier van die kleine brouwerij uit Den Burg aan de bar van het nieuwe clubhuis van golfbaan De Texelse in De Cocksdorp, een perfect toevluchtsoord voor degenen wier levenslust door het consumeren van berichten zoals hierboven danig is afgenomen. En het beviel mij, dat glas bier. Het beviel mij zelfs buitengewoon goed. Ik nam er nog eentje, en nog eentje, en nog eentje, en prees mezelf toen niet alleen gelukkig omdat het prima smaakte, maar ook omdat hiermee voor de zoveelste maal het bewijs was geleverd dat er altijd weer nieuwe Davids zullen opstaan om het tegen de Goliaths op te nemen.

Hoe ik op deze gedachte kwam?

Door het besluit van Heineken om de Brand-bierbrouwerij in Wijlre nagenoeg te sluiten.

En gij geleuft het. Dat was het eerste wat ik dacht toen veelvraat Heineken die oude Zuid-Limburgse familiebrouwerij in 1989 overnam met de belofte dat er niet zou worden getornd aan het bestaansrecht ervan. Het duurde weliswaar liefst 33 jaar voordat mijn vermoeden werd bevestigd, maar uiteindelijk kwam het ervan: functie elders voor 45 van de 50 medewerkers.

En wat deed Freddy dus? Hij zette zijn glazen Brand op een zelf meegebracht Heineken-viltje

Het stemde mij bitterder dan een glas Hip Hop Extreme, al floepte er ook een mooie herinnering tevoorschijn: Freddy Heineken aan de bar van De Koningshut in de Spuistraat in Amsterdam, waar tot zijn ergernis Brand-bier werd getapt. Die kroeg werd gefrequenteerd door gezellige mensen zoals schrijvers, columnisten en andere vertegenwoordigers van het schuim der natie, met wie hij graag verkeerde. En wat deed Freddy dus? Hij zette zijn glazen Brand op een zelf meegebracht Heineken-viltje.

Het ging zoals het altijd gaat met dit soort kleinere brouwerijen: Brand werd door ‘s werelds op een na grootste bierbrouwerij opgeslokt, net als twee jaar geleden de Texelse, de brouwerij op ‘Het Gouden Boltje’, zoals de inwoners hun eiland zelf liefkozen noemen, die vooral met het speciaalbier Skuumkoppe was doorgebroken. Dat verdroot de eilanders, maar zij vonden troost in de wetenschap dat er toen al een nieuwe lokale brouwerij in de steigers was gezet, onder anderen op initiatief van een man die voorheen bij de Texelse Bierbrouwerij had gewerkt: Tesselaar Familiebrouwerij.

Ik weet ‘t, veel Nederlandse plaatsen hebben inmiddels hun eigen brouwerij, maar dit is toch wel een heel speciale.

Drink Tesselaar, landgenoten.

Drink Tesselaar tot Heineken andermaal toeslaat.

Dan ziet daarna gewoon weer een nieuw Texels kleintje het levenslicht.